Drijfveren:motivatie, waarden en doelen die werken

Regelmatig begeleid ik mensen en teams op basis van RealDrives. RealDrives is een, in mijn ogen, bijzondere test. Je test namelijk niet alleen wat iemands drijfveren zijn, je onderzoekt ook wat zijn blik op de omgeving is en hoe hij in die omgeving handelt. Drijfveren, blik op de omgeving en gedrag worden naast elkaar gezet. Terecht vind ik, omdat wij mensen heel flexibel zijn in ons gedrag.

Er is natuurlijk wel een link tussen je drijfveren en je gedrag. Je drijfveren laten zien wat je belangrijk vindt, welke waarden je hanteert, wat je interesse heeft en waar je op focust. Als je iemand vraagt waarom hij zich zo gedraagt, dan hoor je altijd welke drijfveren daar achter zitten.

Voorbeeld
Jan is projectleider en zit in een overleg met zijn team. Hij zit er rustig bij en stelt regelmatig vragen die beginnen met ‘hoe, wanneer, wie, welke etc.’. Jan doet dat niet omdat de antwoorden hem op dat moment veel uitmaken. Hij doet het omdat hij tempo in het gesprek wil aanbrengen. Maar als hij dat zegt (kunnen we een beetje opschieten), dat schiet de rest van de vergaderdeelnemers in de weerstand. Dus kiest hij, vanuit dezelfde drijfveer voor een andere aanpak. Hij komt zo tot een werkwijze en afspraken die effectief zijn voor dit team.

Elke drijfveer heeft zijn eigen doelen en is flexibel in gedrag.

Als je als (project)leidinggevende zo veel mogelijk aansluit die die doelen, is de kans op goede, haalbare en energiegevende afspraken veel groter. Onderzoeken laten zien dat doelen die goed matchen met de eigen drijfveren er voor zorgen dat mensen zich beter en langer inspannen, meer voortgang boeken en zich er beter bij voelen.

Hoe sluit je aan bij de verschillende drijfveren?

Het RealDrives model kent 6 verschillende drijfveren:

Geel: deze drijfveer streeft naar het verwerven van kennis en inzicht. Sleutelwoorden: begrip, consistentie, visie en toekomst.
Groen: deze drijfveer streeft de menselijke maat na en stelt de onderlinge harmonie voorop. Sleutelwoorden: gelijkheid, openheid, spontaniteit, delen.
Oranje: deze drijfveer streeft naar resultaat en vooruitgang. Sleutelwoorden: ambitie, status, doelgerichtheid en flexibiliteit.
Blauw: deze drijfveer streeft naar orde en zekerheid. Sleutelwoorden: duidelijkheid, discipline, betrouwbaarheid, loyaliteit, verantwoordelijkheid.
Rood: deze drijfveer streeft naar een eigen domein en geeft snelheid en felheid. Sleutelwoorden zijn snel, alert, confronterend, onverschrokken.
Paars: deze drijfveer streeft naar vertrouwdheid, veiligheid, geborgenheid. Sleutelwoorden zijn: beslotenheid, eenheid, stabiliteit, veiligheid.

Elke drijfveer heeft een voorkeur qua taken en daarmee doelen
Gele doelen en taken zijn: informatie en inzichten opdoen, onderzoek doen, analyses maken, bijdragen aan innovaties, hoger onderwijs.
Groen doelen en taken zijn: werken met en voor mensen; taken in en voor het team, werken in een klein zelfsturend team, onderwijs, zorg.
Oranje doelen en taken zijn: marketing, strategie, en verkoop waarbij het realiseren van een zichtbare positie belangrijk is.
Blauwe doelen en taken zijn: alle taken waarin gestructureerd bijdragen aan het geheel belangrijk zijn. Administratie, engineering, kwaliteitsmanagement, arbo, logistiek.
Rode doelen taken zijn: taken waarin tempo en lef belangrijk zijn. Innovaties op de markt brengen, de wat hardere verkoop, leiderschap in turbulente tijden.
Paarse doelen en taken zijn: taken waarbij verbondenheid realiseren en de ingezette lijn vasthouden belangrijk is. Leiderschap in een conflictueus team bijvoorbeeld.

In de praktijk zijn bij de meeste mensen 2 of 3 drijfveren uitgesproken aanwezig. Die drijfveren combineren zich tot voorkeuren voor bepaalde werkzaamheden en doelen. Elke kleur kan ook een rol als leidinggevende op zich nemen en zal dan die vanuit de eigen kleur invullen.

Wat als je als leidinggevende doelen mee wilt geven die niet (helemaal) aansluiten bij de drijfveren van je medewerker?

In de dagelijkse werkpraktijk gebeurt het regelmatig dat je ook dingen moet doen waar je niet direct voor gedreven bent. Als dat kleine dingen zijn, is het niet zo’n punt. Dat hoort erbij.
Als het grote taken zijn, kan het lastig worden. Je doet dan dingen die je meer energie kosten dan ze opleveren. Je doet ze onder druk van de omstandigheden, de omgeving, uit schaamte, uit angst voor baanverlies, vanwege de beloning of uit angst voor de straf. De motivatie komt van buitenaf dus.
Voor jou als (project)leidinggevende betekent het dat je steeds opnieuw die externe motivatie moet ‘aanbrengen’. Je moet er blijvend aandacht aan besteden, blijven controleren, stimuleren, belonen en soms straffen. Ik ga er vanuit dat voor de meeste mensen geldt, dat als hun werk grotendeels aansluit bij hun drijfveren, ze die andere taken er voor lief bijnemen. Het is daarmee zinvol en plezieriger voor jou als (project)leidinggevende om daar zo veel mogelijk bij aan te sluiten.

Waarvoor kun je de RealDrives test inzetten?

Hier lees je waarvoor ik de RealDrives test inzet

PS

Wil je af en toe een nieuw artikel gratis in je mailbox? Meld je dan boven aan de website aan voor onze nieuwe artikelen.

Spreken onze tips je aan? Vertel het anderen via de sociale media.

Wil je graag een presentatie |training | coaching over dit onderwerp? Nodig ons, via het contactformulier hiernaast uit voor een oriënterend gesprek.

 

Laat wat van je horen

*